![]() | |
Een dagje shoppen bij Hub van Laar... First Class Brass Limited reisverslag |
Christoph Endres flugelhorn - het Tobias Weidinger model
Eén van de voordelen van regelmatig op tournee door Europa zijn is, dat je af en toe in contact komt met instrumentenbouwers van wie je normaal nooit gehoord zou hebben. Zo maakte ik een paar jaar geleden, na een optreden met ons orkest in Nürnberg, kennis met Christoph Endres. Toen had hij nog slechts een klein winkeltje, volgepropt met instrumenten en andere zaken; de deur kon nog net open! Inmiddels is hij verhuisd naar een prachtig nieuw pand, vlak om de hoek bij ons hotel. De zaken gaan blijkbaar goed! Inmiddels is het een jaarlijkse traditie geworden om de winkel te bezoeken als we Nürnberg aandoen tijdens onze tournees.
In 1998 behaalde Christoph Endres zijn meesterstitel aan de Kunstacademie voor Muziekinstrumenten in Markneukirchen. Als afstudeeropdracht bouwde hij een F-tuba met vijf ventielen. Dit instrument is op de traditionele Weense manier gebouwd en bij uitstek geschikt voor solospel. Bij dit afstudeerproject bleek al dat Christoph erg goed was in het bouwen van instrumenten op de ambachtelijke manier. Dat is ook terug te vinden in de traditionele wijze waarop hij zijn trompetten en bugels bouwt. Hij neemt daarbij altijd vintage instrumenten als voorbeeld. Zijn Bb-trompetten zijn gebaseerd op de beroemde Bach Mt.Vernon (hij heeft een mooi exemplaar in de winkel liggen), zijn bugel is gebaseerd op de nog steeds populaire Couesnon. De Couesnon-bugel waar Bobby Shew op gespeeld heeft voordat hij zijn endorsement bij Yamaha kreeg diende als voorbeeld.. Overigens is ook de Yamaha YFH-6310Z Couesnon-kopie. Christoph Endres bouwt zijn instrumenten grotendeels op de traditionele ambachtelijke manier, maar schuwt ook de moderne technische hulpmiddelen niet. Hij controleert zijn instrumenten grondig op intonatiefouten met behulp van speciale apparatuur die op de computer aangesloten wordt. Hiermee kunnen instrumentenbouwers de zwakke plekken blootleggen van hun instrumenten en natuurlijk proberen deze te verbeteren.
Tobias Weidinger
Instrumentenbouwers ontwikkelen hun instrumenten vaak met muzikanten uit hun directe omgeving. Nu zijn er in Nürnberg en omgeving genoeg topmusici te vinden. Met veel van hen heb ik al mogen samenwerken. Ik denk aan musici zoals Tobias Weidinger, Sebastian Strempel, Jürgen Neudert, Stephan Zimmerman, Manfred Bokschweiger, Andreij Lobanov. Zo is Christoph Endres momenteel bezig om samen met Jürgen Neudert een nieuwe trombonelijn te ontwikkelen, die gebaseerd is op de Conn. De trompet- en bugellijn zijn ontworpen in samenwerking met Tobias Weidinger, inmiddels niet alleen in Duitsland een veelgevraagd leadtrompettist, maar ook daarbuiten. Tobias heeft met veel omroepbigbands in Duitsland gewerkt, zoals de HR-Bigband in Frankfurt, de NDR-Bigband in Hamburg en de WDR-Bigband in Keulen. Momenteel is hij o.a. de vaste leadtrompettist van de Vienna Art Orchestra.
Couesnon
Zoals ik al zei: deze bugel is gebaseerd op de oude Couesnon-bugel van Bobby Shew. Wie wel eens op zo’n Couesnon heeft gespeeld weet dat ze een mooie warme klank hebben maar dat de intonatie hier en daar wel eens te wensen overlaat. Christoph heeft geprobeerd om in zijn Model 11 het speelgevoel en de klank van de Couesnon te bewaren, maar hij heeft daarnaast de intonatie en de stabiliteit verbeterd. Het zogenaamde BIAS-programma legde daarbij de verschillende zwakke plekken van het instrumenten bloot. Dit computerprogramma met bijbehorende hardware wordt door veel instrumentenbouwers gebruikt om de intonatie van hun instrumenten te verbeteren. Waar oude meesters als Vincent Bach, Elden Benge en Renold Schilke nog moesten vertrouwen op hun jarenlange ervaring op dit gebied, worden instrumentenbouwers tegenwoordig een handje geholpen door de moderne techniek. Christoph heeft voor deze bugel een nieuwe mondpijp ontworpen. Die zorgt ervoor dat na het mondstuk er geen storende luchtwervelingen meer optreden. Ook is de boring op diverse plaatsen aangepast om de intonatie in de verschillende registers te verbeteren.
Om dicht bij het origineel te blijven gebruikt Endres een Bauerfeind-ventielblok met de veren onderin het ventiel. Dit maakt een kortere slag van de ventielen mogelijk. De messingbeker (14,3 cm) is uit één stuk gemaakt. Bij de meeste bugels heb je een hoofdbuis waar een beker op gesoldeerd is. De lasnaad zit meestal onder het ventielhuis. Bij deze bugel is dat niet het geval: vanaf het derde ventiel tot aan de rand van de beker is deze uit één stuk plaatmateriaal gemaakt. Je ziet bij het testexemplaar de soldeernaad nog aan de zijkant van de beker zitten. Christoph maakte me opmerkzaam op de steunen tussen de derde stempomp en de hoofdbuis en tussen de hoofdbuis en de beker. Die zijn handgemaakt. Van een ronde stang is een sierlijke steun gemaakt: siersmeedwerk. De steunen zijn daardoor sterker en verstoren de resonanties minder, hetgeen een positief effect heeft op de klank. Dit laatste is natuurlijk moeilijk te verifiëren: wij spelers testen alleen het eindproduct en niet de lossen onderdelen. De bugel ziet er in ieder geval solide uit...
De afwerking
Het testexemplaar is het Model 10 dat ook wel het “Model Tobias Weidinger” wordt genoemd. Ik had een mat gelakte versie tot mijn beschikking. Dat betekent dat de bugel eerst wordt geborsteld zodat hij er mat uitziet en daarna wordt gelakt. De binnenkant van de beker, de schuiven op de stempompen en de ventieldoppen zijn wel gepolijst. De kleine verbindingssteuntjes en de stempompen zijn van geborsteld nikkelzilver, de bochten op de schuiven zijn van gepolijst goudmessing. Je krijgt zo een speels effect dat er naar mijn smaak erg mooi afgewerkt uitziet. De binnenbuizen van de stempompen zijn ook van nikkelzilver. Dit heeft als voordeel dat ze minder snel corroderen en daardoor ook niet zo snel vast gaan zitten. Goudmessing bochten op de stempompen is ook beter tegen doorrotten. Ik vind het wel jammer dat je de soldeernaad aan de zijkant van de beker nog zo duidelijk door de matte afwerking heen ziet, maar een ander vind dit misschien weer mooi rustiek. Er zitten drie traditionele waterkleppen op het instrument, zoals op oude de Couesnon. Persoonlijk vond ik de ventieldoppen erg klein waardoor de vingers er nog al eens vanaf schieten: ik ben bredere doppen gewend. De ventieldoppen zijn met (namaak)parelmoer ingelegd, net zoals je bij Bach- of Yamaha-ventieldoppen ziet. Wat bij alle instrumenten van Christoph Endres opvalt, is de mooie gravure op de beker. Bij mijn laatste bezoek liet Christoph me ook een trompet zien met een beker van sterlingzilver, die in zijn geheel van een mooi bloemmotief was voorzien. Ook de bugel heeft een gravure die er zijn mag (zie foto).
Speelgemak en klankeigenschappen
De bugel speelt erg licht en gemakkelijk, hij spreekt fantastisch aan. De noten vallen goed op hun plek en het instrument heeft een egale klank over de gehele omvang. De snelle ventielen helpen door hun korte slag het speelplezier nog verder te vergroten. Omdat het een kleine bugel is, krijg je een heldere en gecentreerde bugelklank. Ik vind dit in de sectie altijd erg prettig: een duidelijk geluid dat goed mengt. Dat is een verschil met de oude Couesnon-bugels. Die zijn naar mijn beleving toch warmer en donkerder van karakter. Overigens is de Endres ook met een goudmessing beker te krijgen. Die zal het instrument zeker een wat donkerder geluid geven. Als je dus op zoek bent naar een bugel met een grote, ronde en warme klank is deze bugel misschien niet de juiste keuze. Dat is echter een kwestie van smaak.
Christoph Endres stemt ieder instrument perfect af op de klant: je krijgt een echt “customized”-instrument. Na een week spelen op de bugel, ik was dus al behoorlijk vertrouwd geraakt met het instrument, had ik toch wel wat intonatieproblemen in het lage register tussen de C#1 en F1. Na Christoph Endres hierover geconsulteerd te hebben kwamen wij tot de conclusie dat dit te maken moet hebben met de combinatie speler-mondstuk-instrument. Ditzelfde instrument is ook uitgebreid getest door Tobias Weidinger en Stephan Zimmerman en die hadden geen problemen met de stemming.
Conclusie
Met dit flügelhornmodel heeft Christoph Endres geprobeerd de magie van de Couesnon te bewaren, maar hij heeft daarnaast diverse verbeteringen aangebracht om het speelplezier te verhogen. Het instrument is dan ook zeker een aanrader voor liefhebbers van kleinere bugels met een compact geluid. Het testmodel had een messingbeker, maar is ook verkrijgbaar met een beker van goudmessing, die een wat donkerder geluid heeft. Natuurlijk zijn er diverse afwerkingen mogelijk. Het grote voordeel van een “custom made” muziekinstrumenten is dat bijzondere wensen van de klant en aanpassingen altijd bespreekbaar zijn.
meer info: www.blechin.de
Copyright ©, 2006 Erik G. Veldkamp, All Rights Reserved | ||
Erik Veldkamp.nl