![]() | |
Een dagje shoppen bij Hub van Laar... First Class Brass Limited reisverslag |
Edwards Generation III & X
De Edwards Generation X
Een beetje historie
Het merk Edwards Instrument Co. bestaat pas sinds 1989. Het merk is eigenlijk ontstaan door het idee van Edward Getzen, om de professionele trombonist (en later ook de trompettist) met een duidelijke eigen mening over hoe zijn instrument moet voelen en klinken, te bedienen. Iedereen kon nu heel makkelijk zonder teveel extra hoge kosten zijn eigen “custom made” trompet samenstellen. Dat beide merken nog steeds nauw met elkaar verbonden zijn, is in verschillende modellen goed terug te zien. Vergelijk de Getzen Genesis maar eens met de Generation X qua vorm en bouw. De Edwards trompetten worden wel gebouwd door een klein gespecialiseerd team in de Getzen fabriek. De showroom en verkoop van Edwards Instrument Co. huist in een apart gebouw naast de Getzen fabriek.
De Edwards Pro Shop
Eerst werden dus alleen nog maar trombones gebouwd, maar vanaf 1994 is men ook met trompetten bezig. In 1998 kwam de Generation I op de markt die later opgevolgd is door de Generation II. Deze kreeg een beter mondpijp systeem waardoor de mondpijp snel en makkelijk verwisseld kan worden. De aansluiting met de stempomp is ook verbetert. Vanaf 2000 is de Generation X uit en sinds vorig jaar is de Generation 3 leverbaar. Dit model vult het gat eigenlijk op dat tussen de II en de X zat. Alle modellen zijn in Bb en C leverbaar.
Sinds 2 jaar is muziekcentrale Adams in Thorn de exclusieve dealer van Edwards Instruments in Nederland. Daaronder vallen dus de trombones en en trompetten van Edwards. Zij hebben een groot aantal modellen en onderdelen op voorraad.
De modellen
Het meeste verschil tussen de 3 modellen zit hem o.a. in het gewicht van de trompetten. De Generation II is eigelijk een standaard trompet met verwisselbare onderdelen. De Generation III heeft wat zwaardere ventieldoppen, een standaard grotere beker en een ovale stempomp. De X is het zwaarst want het heeft o.a. extra platen in de beide bochten en extra verzwaarde ventieldoppen. Dit zorgt er voor dat de X erg stabiel is en dus goed in de noten klikt en een warmer geluid heeft. Deze trompet legt het meeste zijn eigen geluid op aan de trompettist. Daar moet je dus van houden, maar het speelt wel erg makkelijk met een groot geluid. Hij is een beetje afgekeken van de Monette Anja maar dan voor de helft van de prijs...
Bouwpakket
Wat dus zo speciaal maakt aan dit merk is dat een trompet bestaat uit verschillende onderdelen die je zelf bij elkaar kunt zoeken, of uitwisselen. Je hebt voor de Bb trompet 2 boringen, een medium large (ML = 0,459”) en een large bore (L = 0,462”). De C trompet heeft alleen deze large boring. Daarnaast kun je uit 5 mondpijpen kiezen die net zoals bij een bugel in de vaste mondpijp geschoven worden. Daarnaast is er veel keuze in bekers die ook nog in 2 maten te verkrijgen zijn. Een standaard beker (47/8”) en een beker die nog wat verder uitloopt (51/4”). Dit alles zorgt dat je oneindig veel mogelijkheden krijgt om je eigen trompet samen te stellen, of om bijvoorbeeld voor klassiek en jazz een andere set-up te gebruiken. De onderdelen van de Generation 3 en X zijn trouwens onderling uitwisselbaar.
De praktijk
Nadat de tafel volstond met tassen met de onderdelen voor een Generation 3 kon ik een trompet samenstellen. Het bleek dat ik de standaard configuratie had samengesteld met de grotere beker! Het idee wat ik tevoren van deze trompetten had, werd eigenlijk volledig waar gemaakt. Ze klinken uiterst stabiel, stemmen perfect en de ventielen lopen, zoals je mag verwachten van Getzen ventielen, als een trein. Na wat verschillende mogelijkheden uitgeprobeerd te hebben die eigenlijk allemaal even goed speelden met wat nuance verschillen, was de Generation X aan de beurt. Deze trompet heeft meer een eigen soundconcept wat je moet liggen. Ik vond het een erg prettige trompet om te spelen, maar door het extra gewicht zit alles wat meer vast op zijn plek. Hij klinkt daardoor wel wat warmer maar kan met wat meer lucht en volume ook wel helder klinken. Maar niet zo helder als de III. De noten vallen wel perfect op hun plaats, maar het nadeel van veel gewicht is dat de resonantie en flexibiliteit wat verminderd wordt. Als je dus meer van een opener gevoel houdt kun je beter met de Generation III uit de voeten. De Generation II heb ik niet getest.
Het is dus eigelijk aan de trompettist om zijn ideale trompet samen te stellen en ik geloof dat er voor elke trompettist een goede combinatie te vinden is. Als er dan nog wensen mochten zijn, dan heeft Adams alles in huis om daar ook nog aan tegemoet te komen.
Conclusie
Voor de trompettist die wat speciaals wil en ook wel van een wat meer gedurfd model houdt is de Generation 3 of X zeker aan te raden. De Generation III is dan meer geschikt als een allround model en op vele fronten inzetbaar. De X is toch meer een trompet voor de echte liefhebber en meer geschikt voor een warmer geluid wat bijvoorbeeld erg prettig is voor jazzsolo’s. Je kunt met zo’n trompet in een oogwenk de eigenschappen van het instrument veranderen door een ander mondpijp, stempomp of beker erop te zetten. Dat is uiteindelijk toch weer goedkoper dan een 2e trompet.
meer info: www.edwards-instruments.com
Copyright ©, 2005 Erik G. Veldkamp, All Rights Reserved | ||
Erik Veldkamp.nl