nl1us1
CF1000

 

 

Brass Spa V-Raptor

Calicchio's uit Tulsa

Cannonball 725 & 789RL

Christoph Endres flugelhorn

Eclipse Solar & MY

Edwards Generation III en X

Een dagje shoppen bij Hub van Laar...

First Class Brass Limited reisverslag

Getzen 3001LE en 3003

Harrelson Muse

Hub van Laar B4

Hub van Laar Oiram

Kanstul trompetten

Morrison Digital Trumpet

Schilke B1 & S32

Vincent Bach Chicago C

Vincent Bach Stradivarius 197

Vincent Bach Series 1

Yamaha YTR-8310Z

Yamaha Artist Model YTR-9335NYS

Yamaha Artist Model YTR-9445CHS

 

Harrelson Muse

 

HarrelsonMuse

 

 

Wie enigszins bekend is met de instrumenten van Jason Harrelson begrijpt onmiddellijk waarom ik deze titel heb gekozen voor dit testverslag. Het design van het testexemplaar is weliswaar niet zo extravagant, maar de “Satellite” of eerdere modellen zoals de “Nouveau”, zouden in de serie “Star Trek” niet hebben misstaan! Daarom was ik nieuwsgierig naar de creaties van Harrelson. Ziet de ”Muse” er alleen maar leuk uit of is het design ook functioneel?

 

Achtergrond

 

Jason Harrelson is een trompettist die sterk is beïnvloed door Wynton Marsalis. Daardoor kwam hij in aanraking met de trompetten van Dave Monette, voor wie hij grote bewondering kreeg. Dave Monette staat bekend om zijn opvallende ontwerpen en om zijn opvattingen over hoe een trompet zou moeten klinken. De meeste trompettisten kennen de plaatjes wel van zware modellen zoals de “Ajna” en de “Raja”, waar Wynton Marsalis jaren geleden op speelde. Andere merken hebben verschillende modellen op deze trompetten gebaseerd, zoals de Getzen “Genesis”, de Courtois “Evolution”, de Edwards “Generation X” en zo zijn er nog veel meer voorbeelden. Na een model van een vriend te hebben uitgeprobeerd, werd ook Jason Harrelson beïnvloed door de bouwwijze van Monette-trompetten. Naast natuurkunde begon hij ook de akoestische eigenschappen van de trompet te bestuderen bij een acusticus, die bij Yamaha werkte. Door in een laboratorium veel te experimenteren met verschillende materialen en wanddiktes leerde hij de akoestische eigenschappen van de diverse metalen kennen. Eén van de eerste experimenten die hij uitvoerde was het aanbrengen van een kleilaag om de buizen en het ventielblok! De resultaten hiervan waren voor hem zo overweldigend dat hij zijn meeste tijd besteedde aan het bestuderen van de akoestische eigenschappen van metaal. Dit resulteerde op den duur in de ontwikkeling van SWE, “Standing Wave Efficiency”, waarover later meer. Aangezien de prototypes en modificaties van Harrelson vaak experimenten waren om een zo efficiënt mogelijk spelend instrument te maken, zagen de modellen er soms nogal vreemd uit. Bekijk vroegere modellen maar eens op zijn website (onder “Gallery”).

 

SWE en design

 

Op de voorpagina van de website van Harrelson Trumpets kom je de slogan “more sound – less effort” tegen. Deze slagzin wordt waargemaakt door toepassing van “SWE Technology”, oftewel "Standing Wave Efficiency". Om te kunnen begrijpen wat voor een invloed SWE heeft op de instrumenten van Harrelson, is het misschien goed om eerst uit te leggen wat een “staande golf” precies is. Als je er een encyclopedie op naslaat lees je: “Een staande golf is een golfverschijnsel veroorzaakt door interferentie van twee golven met gelijke frequentie en amplitude maar tegengestelde voortplantingsrichting. Daardoor ontstaat een regelmatig patroon van punten die stilstaan, de knopen, en punten die maximale uitslag vertonen, de buiken.” Dat betekent dat we met onze vibrerende lippen een drukgolf genereren die aan het uiteinde van de pijp, aan de rand van de beker dus, gereflecteerd wordt. Deze twee tegengestelde drukgolven vormen samen een staande golf. De SWE-technologie zorgt ervoor dat de staande golf daar waar de buiken de wand van de buis raken zo weinig mogelijk energie verliest. Dit bewerkstelligt Harrelson door gebruik te maken van dikke wanden en een massieve body. Vooral de zware mondpijp valt onmiddellijk op. De mondpijp is in een zware massieve huls vast gesoldeerd zodat het er een massieve pijp ontstaat met een wanddikte van meer dan een millimeter! Daarnaast vallen, behalve de dikke, massieve ronde steunen tussen de mondpijp en de beker, de zware doppen onder en boven het ventielhuis op. Dit alles moet ervoor zorgen dat er zo weinig mogelijk energie verloren gaat aan de wand van de trompet: de wand resoneert op deze manier nauwelijks mee. Prototypes en eerdere modellen vielen dan ook snel op doordat Harrelson veel experimenteerde met zware platen tussen de buizen en op het ventielblok. Dit had hij natuurlijk afgekeken van de zwaardere modellen van Monette. Bij de “Muse”, maar ook bij de “Satellite” wordt hetzelfde effect blijkbaar ook zonder deze zware platen bereikt. Je ziet ze nog wel in zijn modificaties (908 en 909) terugkomen. De “Muse” is overigens opgebouwd rond een Kanstul ventielblok en - beker en heeft een ML boring (0,460")

 

De “Muse” heeft, in plaats van de klassieke - of Amado-waterkleppen die meestal worden gebruikt, speciale Saturn-waterkleppen. Dit zijn vrij nieuwe waterkleppen die zijn uitgevonden door Denis Wedgwood. Ze functioneren in de praktijk beter dan Amado-waterkleppen. Het mechanisme zit nooit vast en je kunt de ronde ring van alle kanten indrukken om het water te lozen. Wat ook opvalt zijn de halfedelstenen waarmee de bovenste ventieldoppen zijn ingelegd. Het testexemplaar was voorzien van “natural paua shells/zeeoorschelp”, een lichtblauwe halfedelsteen. De klant kan echter kiezen uit diverse halfedelstenen. De stenen kunnen op verzoek ook in de onderste ventieldoppen ingelegd worden. De duimring, pinkring en de ring op de derde pomp zijn ergonomisch gebouwd. Ze zijn ovaal en gekanteld in een hoek van 40 graden, zodat ze de bouw van de hand volgen. Dat betekent dat de trompet een goede grip heeft. Ze passen bovendien mooi in de rest van het design.

 

Het lijkt wel of de onderste ventieldoppen geen gaatje aan de onderkant hebben. Het gaatje is echter zorgvuldig weggewerkt aan de zijkant van de dop: het zit tussen de ventielen en is dus nauwelijks zichtbaar. Deze doppen wegen overigens 31 gram per stuk, erg zwaar voor een ventieldop. Ter vergelijking: een standaard dop weegt zo’n 8 gram. Dit betekent dat het instrument alleen al door de ventieldoppen zo’n 70 gram meer weegt! Het totale gewicht komt dan ook uit op 1540 gram terwijl een Bach of Yamaha zo rond de 1050 gram weegt. Een behoorlijk verschil dus!

 

Compact en gecentreerd geluid

 

Het eerste wat mij opviel is dat de trompet erg goed en snel aanspreekt, sneller dan ik van andere trompetten gewend ben. Daarnaast valt op dat het geluid wat verder van je weg is: je hoort dat het geluid pas bij de beker begint. Dit heeft natuurlijk alles te maken met SWE. De trompet heeft dan ook een compact en gecentreerd geluid: het geluid straalt minder breed uit dan bij een standaard trompet. Het verschil met andere zware trompetten is dat de “Muse” niet alleen een donker, fluwelen geluid kan produceren, maar ook uitermate geschikt is om leadtrompet op te spelen. Zij doet me dan ook denken aan een gestroomlijnde Bach ML 37, maar met een meer gefocust en gecentreerd geluid. De trompet functioneert dan ook goed in een jazz-/ pop-/ latin omgeving. Je kunt door met verschillende mondstukken te werken veel verschil in klankkleur maken, maar zij blijft natuurlijk haar gecentreerde geluid houden. Jason Harrelson vertelde me dat het een allround trompet is, maar ik zie een klassieke trompettist er toch nog niet zo snel op spelen. Een nadeel van dit soort, wat zwaardere trompetten vind ik altijd dat het geluid wat levenloos aandoet, waarschijnlijk omdat de resonantie gedempt wordt, waardoor er minder boventonen in het geluid zitten en de klank een minder rijk karakter krijgt.

 

Bij dit soort massief gebouwde trompetten kost het me altijd wat meer tijd om te acclimatiseren. Het speelgevoel is vergeleken met standaard trompetten totaal anders. Als je niet gewend bent aan zo’n trompet heb je in het begin vaak het gevoel dat je op een stalen pijp zit te blazen in plaats van op een muziekinstrument. Maar na een week begin je de voordelen van deze bouwwijze te herkenen. Na enkele concerten en repetities op de “Muse” gespeeld te hebben raakte ik dan ook steeds meer aan haar gewend en vond ik speeleigenschappen zoals het snelle aanspreken, de “slotting” van de noten (die bijzonder goed was) en de goede intonatie erg aangenaam. In tegenstelling tot andere massief gebouwde trompetten kon ik op de “Muse” heel flexibel spelen. Ik denk dat dit te maken heeft met het ontbreken van stalen platen in de bochten, zoals je die bij de Getzen “Genesis” of Edwards “Generation X” tegenkomt. Deze trompetten hebben dan ook een veel warmer en fluweliger geluid en zijn meer geschikt voor solistische doeleinden op jazzgebied of als je een donker geluid zoekt. Wat dit betreft is de “Muse” wat meer allround. Ik vind wel dat het geluid iets rijker of groter had mogen zijn. Het geluid doet wat levenloos aan en projecteert recht naar voren. Dit gevoel werd in de praktijk bevestigd door mijn collega’s. Een iets grotere beker zou de “Muse” volgens mij dan ook niet misstaan. Hierdoor zal zij een iets groter en breder geluid krijgen. Dit is echter een smaakkwestie. Als Jason Harrelson dat geluid had gewild had hij die beker er wel opgezet!

 

De slogan “more sound – less effort” vind ik niet helemaal terecht. Ik ben er weliswaar van overtuigd dat je met deze trompet minder energie verspilt, maar ik wil dat niet meteen koppelen aan meer geluid of meer volume. Ik had namelijk niet het gevoel dat ik meer geluid kreeg, maar wel sneller geluid. Je krijgt minder feedback, het geluid is wat verder van je weg. Het begint pas bij de beker terwijl je dichterbij gewend bent. Daardoor heb je toch de neiging om in een sectie wat harder te gaan spelen, waarschijnlijk harder dan nodig is. Om deze theorie te testen heb de proef op de som genomen en de “Muse” vergeleken met andere trompetten. Mijn collega’s gingen zo’n 10 à 15 meter voor me staan terwijl ik om en om op de “Muse” en op twee verschillende Bachs, een Connstellation en een Schilke X3 speelde. Mijn collega’s vonden dat de “Muse” wel een gecentreerd geluid had, maar de andere trompetten produceerden een rijker en daardoor voller geluid. Volumeverschil was niet of nauwelijks waarneembaar en leek eerder in het voordeel van de andere trompetten uitvallen.

 

Conclusie

 

De Harrelson “Muse” roept veel verschillende reacties op maar de meeste waren wel positief. Ik vond haar na een week acclimatiseren erg prettig spelen. Vooral het snelle aanspreken en het zekere gevoel dat elke noot precies zit waar je hem verwacht zijn prettige eigenschappen. Het geluid had wel wat rijker van klank mogen zijn en ook iets breder mogen uitstralen, misschien door een iets grotere beker of minder gewicht. Ook had ik wel wat meer feedback willen hebben voor gebruik in een sectie. Hinderlijk was de grote hoeveelheid gruis die in het ventielhuis zat. Daardoor liepen de ventielen in het begin slecht. Pas na een paar grondige schoonmaakbeurten liepen ze enigszins redelijk. Ik neem aan dat dit voor elkaar is als je de trompet echt koopt; ik had slechts een demonstratiemodel te leen. Aangezien Jason Harrelson de trompetten “custom” maakt, zijn er diverse aanpassingen mogelijk om aan persoonlijke wensen tegemoet te komen. Al met al vond ik het een fijne trompet om op te spelen en is het een aanrader voor de trompettist die op zoek is naar iets speciaals, maar niet de prijzen van Edwards of Monette wil betalen.

 

meer info: www.harrelsontrumpets.com

 

 

 

 

 

 

Copyright ©, 2006 Erik G. Veldkamp, All Rights Reserved

Erik Veldkamp.nl

GMail48